Vorig schooljaar koppelden we de lessen literatuurgeschiedenis in vwo 5 aan creatief schrijven. Mijn collega (en Multatuli-expert) Ger van Berlo en ik ontwikkelden een geïntegreerde lessenreeks met de titel: Literatuur maakt mondig? Max Havelaar en de impact van deze negentiende-eeuwse roman. We lieten ons daarbij inspireren door materiaal van anderen, o.a. Oeds van Middelkoops lessenreeks over Max Havelaar en delen van de lessen over postkolonialisme op Literatuurgeschiedenis.org.
Elke week schrijven en aantekeningen maken in je schrift
Leerlingen lazen wekelijks fragmenten uit Max Havelaar, naast literatuurhistorische bronnen en artikelen die de roman naar het nu trekken. Ze maakten aantekeningen en maakten kleine schrijfopdrachten in een schrift dat op school bleef. De lessenreeks werd getoetst met een essay, waarbij leerlingen hun schrift als bron mochten gebruiken.
Het leuke aan dit project was de diepe betrokkenheid van leerlingen bij de Max Havelaar. Leerlingen verwoordden hun eigen observaties over de tekst met aandacht voor hun schrijfstijl. Zo schreef Wende over Batavus Droogstoppel: ‘Denkend dat hij alles weet en kan, stompt hij lomp door het leven.’ (zie afbeelding 1 voor de context van deze prachtige zin).
Tijdens de leestijd in de lessen las ik wekelijks vijf schriften door en gaf deze leerlingen individuele schriftelijke feedback. Dat is goed te doen met kleine schrijfopdrachten. Mooie formuleringen en interessante gedachten werden met de hele klas gedeeld (naar voorbeeld van de Schrijfstijllessen van Jeroen Steenbakkers). Op deze manier kregen leerlingen veel feedback op hun schrijfproducten zonder dat hun docent overwerkt raakte: alles gebeurde in de gewone lestijd. Alleen het nakijken van de essaytoetsen was wat tijdrovender dan het nakijken van een kennistoets.
Van kennistoets naar essay
In het oude curriculum formuleerden leerlingen slechts enkele zinnen over de roman op hun toets; dat de schrijver Eduard Douwes Dekker heette, welk doel hij met de roman beoogde en welke functie de allegorie van de Japanse Steenhouwer in de roman heeft. In de nieuwe opzet schrijven ze meerdere korte schrijfopdrachten en een lang essay. Dit vereist een diepgaande verwerking omdat leerlingen een eigen gedachtegang over de tekst moeten formuleren. De verwerking in essays liet bovendien meer ruimte voor eigen invulling dan de traditionele kennistoets en leerlingen konden schrijven in hun eigen stijl, wat ze erg waardeerden.

Afbeelding 1: Voorbeelduitwerking van een schrijfopdracht over Batavus Droogstoppel. Veel leerlingen noemden hem een narcist.
Van oude naar nieuwe eindtermen literatuurgeschiedenis
Deze diepgang ging wel ten koste van de breedte: in de oude lesvorm deden leerlingen meer feitenkennis op van de literatuur uit de negentiende eeuw en lazen ze een reader met diverse korte verhalen en fragmenten. Deze verandering van breedte naar diepte en van ’tijdvak centraal’ naar ’tekst centraal’ komt overeen met de richting die de nieuwe eindtermen aangeven (zie afbeelding 2). In de oude eindtermen was een overzicht van de literatuurgeschiedenis het belangrijkste leerdoel, met de literaire werken als illustratie hiervan. De nieuwe eindtermen zijn gericht op ‘literatuurhistorisch redeneren.’ Leerlingen moeten zelf betekenis geven aan historische Nederlandstalige literatuur door contextuele vergelijkingen te maken of door thematische verbanden te zoeken met teksten door de tijd heen.

Afbeelding 2: De oude en de nieuwe eindterm literatuurgeschiedenis
Creatief schrijven, lezen en literatuurgeschiedenis integreren
Er moesten (voor mij) enkele pijnlijke keuzes gemaakt worden. Het liefst zou ik leerlingen zo’n roman als geheel laten lezen, zeker vwo’ers, maar omdat we ook met secundaire bronnen werkten en tijd en ruimte nodig hadden voor het schrijfproces en de feedback hierop kozen we voor een reader met fragmenten. Enkele leerlingen lazen uit interesse alsnog de hele roman, en de stripversie van Max Havelaar werd door een aantal leerlingen gelezen. Dit is de prijs van integratie: als je twee (of drie) vaardigheden tegelijk wilt doceren moet je daar ook tijd voor vrijmaken.
Het pak van Sjaalman
De ruimte voor het schrijven zelf tijdens de lessen en de interactie met de klas hierover is onmisbaar. Leerlingen konden zich laten inspireren door elkaars werk door de klassikale feedback (de shout out bij mooie formuleringen of originele gedachten) en kregen elke paar weken individuele feedback op hun opdrachten. Soms schreven ze ook samen. Bijvoorbeeld de opdracht bij ‘het Pak van Sjaalman’. Naast het lezen van deze opsomming in de Max Havelaar schreven ze een eigen lijstje van vijf titels van essays die ze zouden willen schrijven. Het mocht alles zijn. Vervolgens wisselden ze van schrift met een klasgenoot, die tussen haakjes Droogstoppelachtig commentaar moest leveren (zie afbeelding 3).

Afbeelding 3: Voorbeelduitwerking schrijfopdrachten over ‘Het pak van Sjaalman’ en over representatie
Deze persoonlijke lijstjes, die ik echt fantastisch vond om te lezen, gaven een ander zwak punt aan van deze lessenreeks: leerlingen mochten niet helemaal vrij schrijven over de dingen die ze op dat moment belangrijk vonden. Juist deze lijstjes gaven het meeste inzicht in wie ik voor me had. De een wil schrijven over zelfoptimalisatie (Het bereiken van jouw optimale zelf/Push, pull, legs de beste work-out split) en de ander over natuurervaringen (Het stille bos / De blauwe lucht). Weer een ander is bezig met de vraag ‘of landgrenzen echt nodig zijn voor andere redenen dan trotsheid’ en ‘of we ooit met dieren zullen kunnen praten.’ (Ik kreeg meteen zin om de hele volgende periode met deze essayvragen aan de slag te gaan maar het pta lag al vast.) Uiteindelijk hebben we per klas een ‘Pak van Sjaalman’ samengesteld met een combinatie van alle essaytitels + het Droogstoppelcommentaar en ieders individuele beste schrijfopdracht. Nu ik het teruglees kan ik bij vrijwel alle opsommingen nog zien wie ze schreef. Bij de eindessays, hoe divers ook, lukt dat niet.
Toetsing
De lessenreeks werd afgesloten met een essay dat leerlingen in een beveiligde toetsomgeving schreven op hun laptop. Alle tussentijdse opdrachten werden in hun schrift gemaakt. Het schrift zelf mocht als bron gebruikt worden bij de essaytoets. Leerlingen kregen vijf keuzevragen die vooraf niet bekend waren en werkten een ervan uit in een essay van ongeveer 500 woorden.
De diversiteit in de essays was erg groot. Leerlingen vonden het fijn dat ze hun schrijfschrift mochten meenemen (dit werkte ook het zorgvuldig aantekeningen maken in de hand). Maar het meest positief waren ze over de vrijheid van schrijfstijl. Een leerling schreef hierover aan het einde van het schooljaar: ‘Het essay over Max Havelaar vond ik echt heel leuk om te schrijven en interessant, omdat ik normaal laag scoor op schrijfopdrachten omdat ik niet in mijn eigen stijl, zonder regels kon schrijven.’ Natuurlijk waren grammatica en spellingregels van toepassing, maar deze opdracht was een bevrijding van het schrijven volgens een strenge rubric die vooral het nauwkeurig volgen van genreconventies becijfert. In tijden van AI is het zelf leren formuleren van een gedachtegang in je eigen schrijfstijl misschien een nuttiger onderwijsdoel dan het nauwkeurig volgen van een stramien. Het een kan AI niet van je overnemen, het andere moeiteloos.
Essays schrijven en didactiek
Dat het schrijven van essays bijdraagt aan persoonsvorming is ook de overtuiging van een heel interessant artikel in het meest recente nummer van Levende talen Magazine (5/2026). Clary Ravensloot, Carien Bakker en Kees de Glopper beschrijven hierin de uitkomsten van een plg over het schrijven van essays over literatuur. Centraal stond ‘de ontwikkeling van de leerling als schrijver die vanuit persoonlijk belang iets doordacht heeft en daarover iets belangwekkends te zeggen heeft.’
In hun opzet kozen bovenbouwleerlingen zelf een vraag die een literair werk, dat ze voor de leeslijst lazen, bij ze opriep. Hier schreven ze een persoonlijk essay over dat diende als verwerkingsopdracht bij de gelezen roman en niet als schrijfproduct becijferd werd. Zij definieerden het essay als ‘de verslaglegging van een persoonlijke gedachtequeeste’ waarin de schrijver nadrukkelijk als ‘ik’ aanwezig mag zijn in de tekst. Ik neem deze definitie van ze mee voor de volgende ronde, want volgend jaar houden we deze lessenreeks erin.
Opzet van de lessenreeks
| Les | Thema | Leerdoelen | Essayvraag / schrijfopdracht | Bronnen |
|---|---|---|---|---|
| 1 | Het essay: creatief schrijven en denken | • Je weet wat een essay is.• Je kent het verschil tussen convergent en divergent denken en weet wanneer je beide strategieën inzet tijdens het schrijfproces. | Mini-essay: Wat is creativiteit en wat betekent het voor jou? Beschouw jij jezelf als creatief? | De Groene Amsterdammer – Het essay leeft (2019); lesmateriaal Anouk ten Peze; Idee 5 van Komrij: Van gedachte naar denkbeeld. |
| 2 | Max Havelaar: moeten we de roman blijven lezen? | • Je weet wat voor boek Max Havelaar is.• Je weet wie Multatuli is en wanneer het boek is geschreven.• Je kunt de vertelstructuur van de roman uitleggen.• Je weet hoe je het boek gaat lezen en wat je daarvan leert. | Centrale vraag: Moeten we Max Havelaar blijven lezen? En zo ja, waarom en hoe? | Literatuurgeschiedenis.org: Dat bliksems knappe boek: Max Havelaar; video Multatuli – Durf te Denken; reader, eerste hoofdstuk/begin. |
| 3 | De vertellers: Droogstoppel en Stern | • Je kunt Droogstoppel en Stern karakteriseren.• Je kunt de kunstenaarsopvatting uit de Romantiek beschrijven. | Keuze 1: Jouw blik op Batavus Droogstoppel.Keuze 2: Stern als romantisch kunstenaar: in hoeverre voldoet Stern aan dit romantische kunstenaarstype? | Max Havelaar, hfdst. 2, p. 3–8; Romantici en revolutionairen, H10: De romanticus. |
| 4 | Het pak van Sjaalman | • Je kunt de definitie van bohemien toepassen op Sjaalman.• Je kunt eerdere inzichten over Stern en Droogstoppel toepassen. | Mini-essay: Welke vragen of onderwerpen vind jij op dit moment interessant? Bedenk vijf creatieve essaytitels bij essays die je zou willen schrijven. + Droogstoppelcommentaar | Max Havelaar; eerdere leerlingessays; materiaal over de bohemien. |
| 5 | De toespraak aan de hoofden van Lebak | • Je kunt uitleggen wie de hoofden van Lebak zijn en wat hun rol is in het koloniale bewind.• Je kent de inhoud van Havelaars toespraak.• Je kunt argumenten en overtuigingstechnieken analyseren.• Je kunt bespreken wat de toespraak zegt over koloniale machtsverhoudingen en rechtvaardigheid.• Je kunt je eigen mening geven over de effectiviteit en toon van de toespraak. | Keuze 1: Wat kun jij als spreker/leerling leren van Havelaars manier van spreken en overtuigen?Keuze 2: Welke retorische middelen gebruikt Havelaar om zijn publiek te raken en overtuigen?Keuze 3: Schrijf een omgekeerde speech vanuit het perspectief van een regent. | De reis van de lege flessen – Les 1 Postkolonialisme; Toespraak aan de hoofden van de Lebak; Jaap de Jong, Meer verbazend en treffend dan overtuigend. |
| 6 | Saidjah en Adinda: representatie | • Je weet wat een representatie is.• Je kunt een denotatieve betekenis van een tekst of afbeelding beschrijven.• Je kent het begrip connotatie en weet waarop je let om een connotatie te ontdekken.• Je kent verschillende effecten op het publiek: bevestigen, vernieuwen of bevragen van een representatie. | Mini-essay: De representatie van de Javaan in Saidjah en Adinda. | Saidjah en Adinda; materiaal over representatie en vertelwijze. |
| 7 | Kan een roman de wereld veranderen? | — | Centrale vraag: Kan een roman de wereld veranderen? En wie kan zo’n wereldveranderende roman schrijven? | Slot van Max Havelaar; The book that killed colonialism; Romantici en revolutionairen, H15: De koloniale idealist. |
| 8 | Samenwerkend schrijven en essaybundel | • Je kunt je eigen mini-essays beoordelen en je beste opdracht selecteren.• Je kunt samenwerken aan een essaybundel.• Je kunt eigen werk en dat van anderen kritisch bekijken en bespreken.• Je kunt verantwoorden waarom bepaalde essays in de bundel komen. | Opdracht: Stel samen met je groep een essaybundel samen, selecteer en verbeter essays en verantwoord jullie keuzes. | Eigen mini-essays; feedback van medeleerlingen; materiaal uit de voorgaande lessen. |
Bronnen
Algemeen letterkundig lexicon. Essay. DBNL.
De Groene Amsterdammer. (2019). Jan Hanlo Essayprijs – 20 jaar essaycultuur.
De Jong, J. Meer verbazend en treffend dan overtuigend: De retorica van Max Havelaars toespraak tot de Hoofden van Lebak. Indische Letteren, jaargang 33. DBNL.
Honings, R., & Jensen, L. (2019). De koloniale idealist. In Romantici en revolutionairen: Literatuur en schrijverschap in Nederland in de 18de en 19de eeuw. DBNL.
Honings, R., & Jensen, L. (2019). De romanticus. In Romantici en revolutionairen: Literatuur en schrijverschap in Nederland in de 18de en 19de eeuw. DBNL.
HUMAN. (z.d.). Multatuli | Durf te denken. YouTube.
Literatuurgeschiedenis. (z.d.). Dat bliksems knappe boek: Max Havelaar.
Literatuurgeschiedenis. (z.d.). De reis van de lege flessen: postkolonialisme, discriminatie en racisme [lesmateriaal].
Pramoedya Ananta Toer. (1999). The book that killed colonialism. The New York Times Magazine.
Ten Peze, A. A. (z.d.). Lessenserie creatief schrijven. Dudoc-Alfa / Vakdidactiek Geesteswetenschappen [lesmateriaal].
Van Middelkoop, K. L. O. (2025). Literatuurhistorisch redeneren met oog voor de ander: Naar een onderzoeksdidactiek voor Nederlandse literatuurgeschiedenis in de vwo-bovenbouw [Proefschrift, Universiteit van Amsterdam].
