Lucretia Wilhelmina van Merken (1721-1789), wie kent haar niet? Ze was een dichteres met een ware sterrenstatus in de achttiende eeuw. Ze beoefende classicistische genres zoals het treurspel, epos en leerdicht. In 1823 noteerde Witsen Geysbeek in zijn Biographisch woordenboek dat ‘de naam dezer voortreffelijke vrouw nog door het late nageslacht met eerbied genoemd [zal] worden’ en dat ‘haar dichtwerk in ieders handen blijven’ zal.
Hoewel Lucretia van Merken uit onze literatuurgeschiedenis lijkt te zijn verdwenen, kreeg hij met die laatste uitspraak toch gelijk. Leden van de protestantse kerk in Nederland hebben haar dichtwerk nog elke week in handen: haar berijmde psalmen.
De psalmberijming van 1773 bevat verschillende psalmen van haar hand, waaronder bekende liederen als ‘’t Hijgend hert der jacht ontkomen’, ‘Dan ga ik op tot Gods altaren’ en ‘Leer mij, o God van zaligheden’. Wie deze beginregels hoort, zingt de rest vaak zo mee. Dat geldt ook voor de protestantse leerlingen in onze klaslokalen. Zij dragen dus allerlei teksten van Van Merken met zich mee, zonder dat zij haar naam of auteurschap kennen.
Zo gaat het vaker bij vrouwelijke schrijvers: hun namen verdwenen uit de canon, maar hun werk blijft op een verborgen manier voortleven in ons culturele geheugen. Het is dus de hoogste tijd om dat werk weer zichtbaar te maken en te eren wie ere toekomt: Lucretia van Merken!

Lesbrief
In onze zevende lesbrief bij de Podcast Historische klassiekers staat Van Merkens leerdicht ‘Het nut der tegenspoeden’ centraal. Van Merken was zelf niet onbekend met tegenspoeden; ze verloor kort na elkaar haar vader, moeder en zus. Troost vond ze in haar geloof, waarbij ze een heel optimistisch godsbeeld beleed. God was voor haar geen straffende instantie maar een troostend vaderfiguur. In ‘Het nut der tegenspoeden’ spreekt ze van tegenslagen als een louterende ervaring, want hoe kun je weten wat geluk is, als je nooit ongeluk gekend hebt?
Van Merken de psalmdichter
De lesbrief heeft twee keuzeopties. Voor leerlingpopulaties die bekend zijn met de psalmberijming uit de achttiende eeuw hebben we een vergelijking gemaakt tussen Van Merkens psalmen en haar leerdicht. Want je herkent dezelfde toon en thematiek. Zo spreekt Psalm 143:4 over de last van zorgen en het ‘afgefolterde hart’ dat zijn hoop op God richt. Die gedachte zien we ook terug in ‘Het nut der tegenspoeden.’ Leerlingen leren meer over de historische en religieuze context van Van Merkens werk door fragmenten uit haar leerdicht en haar psalmen te vergelijken.
Woorden van troost van vroeger en nu
Nu zijn er natuurlijk ook veel leerlingen voor wie dit een eerste kennismaking met Van Merken is en geen herlezing. Maar ook zij zijn bekend met het zoeken van troost in teksten. Ik weet uit ervaring dat veel bovenbouwleerlingen zelfhulpboeken lezen of accounts volgen op sociale media die motiverende teksten verspreiden. Opdracht B in de lesbrief gaat dan ook over bronnen van steun en troost in moeilijke tijden. Leerlingen vergelijken de boodschap van Van Merken met de hertaling van Babs Gons en onderzoeken hoe een tekst uit de achttiende eeuw in een moderne context kan worden gelezen. Ze schrijven een eigen bewerking van een advies van Van Merken naar keuze.
Gons’ hertaling laat zien dat je de woorden van troost uit de achttiende eeuw ook naar het nu kunt halen:
Ik herhaal het nog maar eens
Na de winter volgt altijd weer een lente
Na elke nacht rijst de zon.
We moeten erop vertrouwen
Dat God, Allah, Boeddha of het Universum
Het beste met ons voor heeftHertaling van Het Nut der Tegenspoeden, Babs Gons
Direct aan de slag
Luister de podcast, ontdek de hertaling, en gebruik het lesmateriaal meteen in je klas. Hier vind je de podcast, de hertalingen en het lesmaterialen bij de derde aflevering.
